Weerbaarheid als nieuwe lens voor gebiedsontwikkeling 

donderdag 23 juli 202612:25
null
Weerbaarheid is geen toekomstig vraagstuk meer. Het is actueler dan ooit.

Situaties waarin voorzieningen tijdelijk uitvallen – vervuild drinkwater, geen stroom, geen internet – komen steeds vaker voor, ook in Nederlandse steden. Ook geopolitieke spanningen, klimaatverandering en een veranderende demografie vergroten het belang van een weerbare samenleving. Toch speelt weerbaarheid in gebiedsontwikkeling nog maar beperkt een rol. Dat roept de vraag op: hoe kunnen wij bijdragen aan buurten die niet alleen prettig functioneren op gewone dagen, maar ook overeind blijven wanneer vanzelfsprekendheden tijdelijk wegvallen?  

Hoe we buurten ontwerpen en organiseren, bepaalt in hoge mate hoe goed bewoners, voorzieningen en netwerken blijven functioneren wanneer het dagelijkse leven tijdelijk wordt verstoord. Een buurt waarin bewoners elkaar kennen en naar elkaar omkijken, is niet alleen socialer, maar ook beter in staat om met verstoringen om te gaan. Een wijk met gedeelde voorzieningen en actieve ontmoetingsplekken heeft niet alleen meer levendigheid, maar ook meer mogelijkheden om elkaar te helpen wanneer dat nodig is. Door weerbaarheid als uitgangspunt vanaf het eerste ontwerp mee te nemen, kunnen we meer bereiken. 

Natuurlijk zijn ook fysieke maatregelen essentieel: denk aan wateropslag, noodstroomvoorzieningen, redundante netwerken en ruimtes die flexibel inzetbaar zijn bij onverwachte omstandigheden. Maar als je weerbaarheid alleen technisch benadert, kijk je te smal. Een weerbare wijk is namelijk ook bij uitstek een zorgzame wijk. In buurten waar bewoners elkaar kennen, elkaar vertrouwen en elkaar weten te vinden, ontstaat een vorm van samenredzaamheid die essentieel is in situaties van verstoring. Bewoners die elkaar helpen wanneer voorzieningen uitvallen. Die levensmiddelen of spullen met elkaar delen wanneer er schaarste ontstaat. Die elkaar opzoeken en ondersteunen, nog voordat formele structuren op gang komen. Dat soort gedrag ontstaat niet op het moment zelf, maar groeit vanuit hoe een buurt dagelijks functioneert. Niet omdat het vastligt in een plan, maar omdat het vanzelfsprekend is geworden in het dagelijks leven.  

null

Als ontwikkelaar hebben we daar invloed op. Bijvoorbeeld door functies te mengen en plekken te maken die uitnodigen tot gebruik en contact. Maar ook door eigenaarschap en communityvorming actief te stimuleren. Onze projecten Casa Vita in Pijnacker en Op den Donk in Duiven zijn hiervan voorbeelden: hier staat het creëren van een zorgzame gemeenschap centraal. Denk aan gedeelde plekken zoals een huiskamer, tuin en kas, actieve communityvorming door inzet van een welzijnsorganisatie en aandacht voor wederkerigheid tussen bewoners. 

Tegelijkertijd zien we dat er meer mogelijk is. De maatschappelijke discussie over weerbaarheid opent nieuwe vragen voor gebiedsontwikkeling. Hoe kunnen buurten omgaan met tijdelijke uitval van energie, drinkwater of internet? Welke collectieve voorzieningen zijn daarvoor nodig? Welke rol kunnen ontmoetingsplekken, buurthubs of gedeelde ruimtes spelen? En hoe versterken fysieke maatregelen en sociale netwerken elkaar? 

null

Dit zet ons aan het denken. In WIJK onderzoeken we hoe een buurt onafhankelijker kan functioneren op het gebied van energie, water en voedsel. Niet vanuit het idee dat een wijk zich moet afsluiten van de buitenwereld, maar juist vanuit het streven naar meer zelfstandigheid, veerkracht en toekomstbestendigheid. 

Weerbaarheid is geen los thema, maar een nieuwe lens waarmee we naar gebiedsontwikkeling kijken. Een lens die sociale en fysieke vraagstukken met elkaar verbindt. En die ons helpt om opnieuw na te denken over de vraag wat een gezonde buurt eigenlijk is. 

De komende periode willen we dit onderwerp verder verkennen met experts, publieke partijen en partners uit de keten. Niet omdat we alle antwoorden al hebben, maar omdat we denken dat hier een belangrijke kans ligt voor de toekomst van gebiedsontwikkeling. Denk je hierover mee, of zie je kansen om weerbaarheid concreter te maken in gebiedsontwikkeling?